GIS levert in verschillende fasen van een bodemonderzoek meerwaarde op: een beter onderbouwde onderzoeksstrategie, sneller inzicht in de inkadering van verontreinigingen en één eenduidig beeld voor veldteam, projectleider, adviseur, opdrachtgever en bevoegd gezag.
Toch zetten veel bodemprofessionals GIS maar beperkt in tijdens hun dagelijkse werk en een deel werkt er nog helemaal niet mee.
De belangrijkste reden om GIS weinig of helemaal niet te gebruiken in bodemonderzoek is de complexiteit van GIS software. Pakketten als QGIS en ArcGIS bieden veel mogelijkheden, maar vragen ook tijd om te leren gebruiken. In veel teams ligt de GIS kennis bij één of twee collega’s, en wie er niet regelmatig mee werkt, moet zich telkens opnieuw inwerken.
Dit artikel is voor beide groepen. Ben je bodemprofessional en werk je al met GIS, dan vind je toepassingen die je mogelijk nog niet structureel inzet. Werk je er nog niet mee, dan lees je wat GIS concreet oplevert en hoe je begint zonder GIS specialist te zijn.
GIS pakketten bieden veel mogelijkheden, maar je hoeft niet alle functies te beheersen om er tijdens een bodemonderzoek iets aan te hebben. Met de 10 praktische GIS toepassingen die we in dit artikel bespreken, kun je als bodemprofessional direct al meerwaarde toevoegen aan de verschillende fasen van bodemonderzoek.
Live webinar TerraIndex x GeoSquare
Bekijk op 22 september 2026 hoe je TerraIndex data rechtstreeks gebruikt in GIS.
Veldwerk beter voorbereiden
Combineer historie, contouren en omgevingsinformatie in één onderzoeksopzet.
Data ruimtelijk beoordelen
Herken patronen, meet afstanden en bepaal waar aanvullend onderzoek nodig is.
Het hele team altijd up-to-date
Werk met één kaart voor het hele team en weet altijd zeker dat je met actuele informatie werkt.
Bodemdata is locatiedata
Vrijwel alle gegevens uit een bodemonderzoek zijn aan een locatie gekoppeld. Toch worden ze vaak beoordeeld in boorbeschrijvingen, toetsingstabellen en rapporten, met coördinaten als losse kolom. Verbanden tussen meetpunten, mogelijke bronnen en de omgeving moet je dan zelf afleiden.
“De uitdaging is niet langer verzamelen, maar verbinden. Werkprocessen zijn ingericht rond wie, wat en wanneer. Het waar wordt pas achteraf toegevoegd, als dat al gebeurt.”
Een afzonderlijke boring is een verzameling meetwaarden. In combinatie met omliggende boringen en omgevingsdata, zoals gegevens uit de Basisregistratie Ondergrond (BRO) of de begrenzing van Natura 2000 gebieden, helpt dezelfde boring om praktijkvragen te beantwoorden. Is de locatie geschikt voor bebouwing? Hoeveel zetting is te verwachten? Mag vrijkomende grond elders worden toegepast?
GIS voegt daarbij drie belangrijke functies toe:
Voor veel toepassingen heb je slechts een beperkt deel van de GIS functionaliteit nodig: kaartlagen inladen, filteren, meten en resultaten op kleur weergeven. Wie zonder uitgebreid leertraject wil beginnen, kan kiezen voor een webGIS dat is ingericht voor professionals zonder GIS achtergrond, zoals Onemap van GeoSquare.
10 praktische GIS toepassingen per projectfase
Hieronder staan tien toepassingen, ingedeeld naar de fasen van een bodemonderzoek. Per toepassing lees je welke vraag je ermee beantwoordt en welke gegevens je daarvoor combineert.
GIS bij de voorbereiding van bodemonderzoek
Verdachte locaties onderbouwen met historische informatie
Gedempte sloten, voormalige ondergrondse tanks en gesloopte bedrijfsgebouwen zijn vaak niet meer zichtbaar, maar bepalen wel de onderzoeksopzet. Door historische kaarten, luchtfoto's en boringen uit eerdere onderzoeken over de huidige situatie te leggen, bepaal je de ligging van verdachte deellocaties nauwkeurig. Het boorplan sluit daardoor direct aan op het vooronderzoek.
De onderzoeksstrategie ruimtelijk bepalen
Het aantal boringen, peilbuizen en inspectiegaten volgt uit de oppervlakte en verdachtheid van (deel)locaties. In GIS meet je die oppervlakten en zie je verdachte locaties, onderzoeksgrenzen en grondwatergegevens in één beeld. Zo stel je een onderzoeksstrategie volgens NEN 5740 of NEN 5707 op die ook ruimtelijk klopt en teken je de geplande meetpunten direct in.
Het veldwerk veilig en uitvoerbaar voorbereiden
KLIC-gegevens tonen vooraf waar kabels en leidingen liggen, waaronder leidingen waarvoor aanvullende voorzorgsmaatregelen gelden. Perceelgrenzen laten zien of een meetpunt buiten het terrein van de opdrachtgever valt en aanvullende toestemming vereist. Waar relevant neem je ook informatie over niet-gesprongen explosieven mee. Zo ontvangt het veldteam een boorplan dat inhoudelijk én praktisch uitvoerbaar is.
GIS tijdens het veldwerk
De gevolgen van een verplaatste boring beoordelen
In het veld kan een boring niet altijd op de geplande plek worden gezet, bijvoorbeeld door verharding, bebouwing of kabels. Een verplaatsing van enkele meters kan inhoudelijk relevant zijn. Staan de werkelijk ingemeten boringen direct op de kaart, dan beoordeelt de projectleider of adviseur meteen of de verdachte locatie nog voldoende is afgedekt of dat een extra meetpunt nodig is. Een gedeelde kaart met verdachte locaties helpt het veldteam om ter plaatse de juiste keuze te maken.
Resultaten beoordelen en analyseren in GIS
Resultaten ruimtelijk beoordelen
Op de kaart zie je of een overschrijding een losstaande waarde is of deel uitmaakt van een patroon. Je beoordeelt of de verontreiniging voldoende is ingekaderd en of schone boringen voldoende dichtbij liggen. Door te filteren op boven- en ondergrond bepaal je of aanvullende analyses op bestaande monsters volstaan of dat extra boringen nodig zijn.
Afstanden en oppervlakten meten voor vervolgkeuzes
Met GIS meet je de afstand tussen een verhoogde waarde en de vermoedelijke bron, en maak je een eerste inschatting van de oppervlakte van een verontreinigde zone. In combinatie met een bekende laagdikte geeft dit een indicatie van het volume. Deze maten ondersteunen de opzet van nader onderzoek en een eerste kostenraming voor sanering.
Filteren op wat relevant is voor de onderzoeksvraag
Op grotere locaties wordt een kaart met alle gegevens snel onoverzichtelijk. Door te filteren gebruik je dezelfde dataset voor verschillende vragen, zonder telkens een nieuwe kaart op te bouwen. Je kunt bijvoorbeeld:
- Alleen peilbuizen of alleen boringen tonen
- Resultaten van één parameter bekijken, zoals zink of PFAS
- Overschrijdingen van een bepaalde klasse weergeven
- Meetpunten binnen één deellocatie selecteren
- Resultaten uit een specifieke bodemlaag bekijken
Werken op verschillende schaalniveaus
In GIS schakel je tussen het volledige projectgebied, een deellocatie en een individueel meetpunt. Dezelfde kaart dient als overzicht voor de projectleider, als detailkaart voor het veldteam en als basis voor de rapportage.
GIS bij rapportage en advies
Bronnen in één omgeving raadplegen
Historische kaarten, kadastrale percelen, KLIC-gegevens, hoogtegegevens uit het AHN, grondwatergegevens uit de BRO en eerdere onderzoeken zijn vaak als kaartdienst beschikbaar. In één GIS-omgeving raadpleeg je ze naast je eigen onderzoeksgegevens, zonder voortdurend te wisselen tussen pdf's, bestanden en websites.
Eén kaart voor intern overleg, opdrachtgever en bevoegd gezag
De kaart waarop je een locatie beoordeelt, gebruik je ook om conclusies te onderbouwen. Intern maak je inzichtelijk waarom een aanvullende boring nodig is. Richting opdrachtgever en bevoegd gezag laat je zien waar verontreiniging is aangetroffen en hoe die over de locatie is verdeeld. Voor de eindrapportage liggen meetpunten, resultaten en contouren al klaar.
Jouw TerraIndex data in GIS: van losse exports naar één actuele kaart
Boringen, peilbuizen en toetsingsresultaten op de kaart zetten, naast percelen, KLIC-gegevens en eerder onderzoek: daarvoor moet je data uit TerraIndex in je GIS krijgen. Dat kan met een export uit TerraIndex. Het kan ook zonder export, via de TerraIndex Geoserver.
Exporteren en importeren. Je exporteert coördinaten en resultaten uit TerraIndex en laadt ze in je GIS pakket. Dat werkt, maar een export is een momentopname. Na iedere wijziging maak je een nieuwe export en vervang je de kaartlagen. Werk je met meerdere collega's aan hetzelfde project, dan moet je bovendien bewaken wie met welke versie werkt.
Direct koppelen met de TerraIndex Geoserver. Wie met actuele onderzoeksdata wil werken, koppelt TerraIndex direct aan zijn GIS via de TerraIndex Geoserver.. De TerraIndex Geoserver stelt je meetpunten, toetsingsresultaten en contouren via WFS beschikbaar als kaartlagen in Onemap, QGIS, ArcGIS of andere GIS software. Je stelt de koppeling één keer in. Daarna werkt iedereen in het project met dezelfde kaart, en loopt die kaart mee met het onderzoek. TerraIndex blijft de centrale bron en wijzigingen worden via de TerraIndex Geoserver direct in de kaartlagen verwerkt, zonder dat je telkens een nieuwe export hoeft te maken.
Wil je precies weten hoe de koppeling werkt? Lees dan deze blogpost: Wat is de TerraIndex GeoServer?
Direct zelf aan de slag met jouw TerraIndex data in een GIS toepassing naar keuze
Wil je zelf beoordelen wat een directe GIS koppeling in jouw werk oplevert? Test het met je eigen TerraIndex data.
Met een gratis en vrijblijvende proefkoppeling werk je met je lopende projecten als actuele kaartlagen in Onemap, QGIS, ArcGIS of andere GIS software die WFS ondersteunt.
- Vraag de proefkoppeling aan via de knop hieronder
- Jeroen ten Kate, accountmanager bij TerraIndex, neemt persoonlijk contact met je op en helpt je op weg
- Je gaat aan de slag met je eigen projecten en ontdekt wat GIS aan jouw dagelijkse werk toevoegt
Niet bij het webinar geweest? Bekijk dan de replay, waarin Bram Ardesch en Jeroen ten Kate van TerraIndex en Maarten van der Hoek en Wilbert van Dooremolen van GeoSquare demonstreren hoe jij GIS slim toepast in jouw dagelijkse werk in bodemonderzoek.
Bron
- Geologische Dienst Nederland, Ondergrond in beeld, geraadpleegd op 17 september 2026.